Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2011

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4387.

5. Uit de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen volgt dat het Hof het volgende heeft vastgesteld. Op 11 juni 1996 hebben burgemeester en wethouders van de gemeente Maarheeze aan [betrokkene 1] een vergunning verleend voor een bedrijf voor onder meer de opslag en overslag van grond-, bouw- en sloopafval op het perceel [a-straat 1] te Maarheeze, waarin als voorschrift is opgenomen een maximaal toegestane opslagcapaciteit van 49 m3 bouw- en sloopafval (bewijsmiddel 1). [Betrokkene 1] heeft het perceel [a-straat 1] te Maarheeze eind 1999 verkocht aan [betrokkene 2] (de toenmalige vriendin van de verdachte), die het perceel in december 1999 heeft doorverkocht aan [betrokkene 3] (bewijsmiddelen 2a en 2b). [Betrokkene 3] heeft het terrein enige tijd verhuurd aan de verdachte, waarna de verdachte het terrein met toestemming van [betrokkene 3] heeft mogen gebruiken voor de opslag en stalling van materialen (bewijsmiddelen 1c en 2b). De verdachte heeft met [betrokkene 4] - de eigenaar van het perceel [a-straat 2](d) in Maarheeze, welk perceel is gelegen naast het perceel [a-straat 1] - afgesproken dat hij een aantal containers op diens lege terrein kon plaatsen (bewijsmiddelen 1b en 3). Voorts zijn de verdachte en [betrokkene 4] overeengekomen dat de verdachte van de terreinen [a-straat 1] en [a-straat 2](d) één terrein mocht maken dat de verdachte mocht blijven gebruiken totdat [betrokkene 4] zijn perceel zou hebben verkocht, waarna de verdachte de hekken tussen de beide percelen heeft weggehaald (bewijsmiddelen 1c en 4). De verdachte heeft - in zijn hoedanigheid van directeur van [A] B.V. - van 2003 tot en met 25 augustus 2005 in containers verpakt zwaar verontreinigd afval opgeslagen op voornoemd terrein (bewijsmiddel 4). Op 10 mei 2004 heeft de gemeente Cranendonck [A] B.V. schriftelijk gewaarschuwd dat bij bedrijfscontroles is gebleken dat niet is voldaan aan de voorschriften van de milieuvergunning van 11 juni 1996 (onder meer gelet op de uitbreiding van de inrichting met het achterterrein van het perceel [a-straat 2](d)) en dat zal worden overgegaan tot handhaving van die vergunning wanneer de bestaande illegale opslag op het perceel van de inrichting [a-straat 1] en het aangrenzende perceel [a-straat 2](d) niet vóór 10 juni 2004 is verwijderd (bewijsmiddel 1e). Op 25 augustus 2005 is bij een nieuwe controle ontdekt dat op het terrein aan de achterzijde van perceel [a-straat 2](d) in totaal 21 containers zijn geplaatst, terwijl voor de opslag van afval en materialen op die locatie geen vergunning is verleend (bewijsmiddel 1a). Vervolgens is een onderzoek ingesteld naar de opslag van (vermoedelijk) asbesthoudende afvalstoffen op het terrein [a-straat 2](d), waarbij acht containers met daarin (vermoedelijk) asbest en/of asbesthoudend afval in beslag zijn genomen (bewijsmiddelen 1a en 1f). Op 15 oktober 2005 is de lading van vijf van die containers met een totale inhoud van ongeveer negentig kubieke meter bemonsterd, waarna daadwerkelijk is gebleken dat zich in die containers asbesthoudende afvalstoffen bevonden (bewijsmiddelen 1f, 1g en 1h).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89f7e793b35133c9bad51ff285250fe8a2e4d83b3622906fa09029ed7f47bafd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89f7e793b35133c9bad51ff285250fe8a2e4d83b3622906fa09029ed7f47bafd, en de alinea staat in dat document op bytes 7371 tot 10481.