Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011
Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4402.
6.4. De bewijsmiddelen 1 en 2 hebben enkele betrekking op de zaken die onder verzamelfeit 1 zijn ondergebracht. De bewijsmiddelen die het hof met zoveel woorden heeft aangewezen als grondslag voor het bewijs van feit 2 subsidiair, zaak 19, doen vermoeden dat ook het door [betrokkene 12] overgemaakt bedrag niet ten behoeve van een bedrijfsspaarregeling is aangewend, zoals was overeengekomen. Waar dat geld is gebleven blijkt niet uit de bewijsmiddelen. Verdachte heeft daarover een vermoeden uitgesproken. Maar uit de gebezigde bewijsmiddelen valt in ieder geval niet op te maken dat de verdachte enige bemoeienis met deze transactie heeft gehad en van het feit dat dit geld niet is aangewend zoals was overeengekomen op de hoogte was. Dat een ander binnen het bedrijf van verdachte wel opzet had op wederrechtelijke toeëigening maakt niet dat dit opzet ook aan verdachte, als verantwoordelijk binnen dat bedrijf, kan worden toegerekend. Evenmin blijkt van een nauwe en volledige samenwerking tussen verdachte en haar broer juist met het oog op deze transactie. Ik vermoed dat het hof teveel leentjebuur heeft willen spelen bij de voorwaarden voor het feitelijk leidinggeven van artikel 51, tweede lid, aanhef en onder 2 Sr.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd29f567f321f725d3f0f848d516da174ebdd7e77db250853cd23ce30e0fe949. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd29f567f321f725d3f0f848d516da174ebdd7e77db250853cd23ce30e0fe949, en de alinea staat in dat document op bytes 28359 tot 29599.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd29f567f321f725d3f0f848d516da174ebdd7e77db250853cd23ce30e0fe949 | shasum -a 256