Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2011
Alinea 105 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4454.
3.1 Waar de cassatiedagvaarding spreekt van de cassatiemiddelen (zie het opschrift van de punten 4 en 5), wordt kennelijk gedoeld op de zeven klachten die in punt 4.3 van de cassatiedagvaarding onder A-G zijn vervat. De klachten onder A-F zijn gericht tegen rov. 4.10; de klacht onder G is gericht tegen rov. 4.11. In de rov. 4.10 en 4.11 heeft het hof, uitgaande van de gelding en de toepasbaarheid van de eis van een in tijd evenredige opbouw van pensioenaanspraken zoals vervat in art. 7a PSW, geoordeeld dat, ook in het geval van een hogere kosteninhouding in de eerste jaren van deelnemerschap en dus van een lagere voor pensioenopbouw beschikbare premie, van evenredige pensioenopbouw sprake kan zijn (rov. 4.10), en dat de voor [eiseres] vastgestelde overdrachtswaarde, ondanks het feit dat deze in de eerste jaren van verzekering wordt vastgesteld op 95% en daarna op 99% van de geldswaarde, een evenredige overdrachtswaarde is, die niet met art. 7a PSW conflicteert.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b60573a538db2dca85f973bbdb0549c3db261bb0b79cf9ccf79c69382cbd3386. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b60573a538db2dca85f973bbdb0549c3db261bb0b79cf9ccf79c69382cbd3386, en de alinea staat in dat document op bytes 43858 tot 44846.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b60573a538db2dca85f973bbdb0549c3db261bb0b79cf9ccf79c69382cbd3386 | shasum -a 256