Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2011

Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4454.

2.8 Ten aanzien van deze premieovereenkomsten heeft de wetgever aangegeven dat werkgever en werknemer duidelijke afspraken in de pensioenovereenkomst zullen moeten maken. In de startbrief dient de werknemer te worden geïnformeerd over de wijze waarop de pensioenaanspraken worden vastgesteld. Het verloop in de tijd van de beschikbaar gestelde premies dient te worden aangegeven, evenals de verdeling van de premie voor verschillende onderdelen van een regeling en voor de kosten, die aan het begin van de looptijd van de pensioenovereenkomst kunnen worden geconcentreerd. Uit de startbrief moet op volstrekt transparante wijze blijken welk deel van de premie voor de opbouw van pensioenaanspraken is bedoeld en welk deel van de beschikbaar gestelde premie voor het financieren van de uitvoering van de regeling wordt gebruikt, opdat de deelnemer duidelijkheid wordt verschaft en discussie wordt vermeden over de vraag welk deel van de premie tot aanspraken leidt. De kostenverdeling is daarmee een zaak van de contractspartijen zelf, waarbij in geval van onderbrenging bij een verzekeraar in onderhandelingen kan worden bedongen dat de kosten van het uitvoeren van een pensioenregeling gespreid in rekening worden gebracht(14).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b60573a538db2dca85f973bbdb0549c3db261bb0b79cf9ccf79c69382cbd3386. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b60573a538db2dca85f973bbdb0549c3db261bb0b79cf9ccf79c69382cbd3386, en de alinea staat in dat document op bytes 28860 tot 30102.