Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2011

Alinea 8 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4606.

2. De advocaat-generaal heeft tegen deze beslissing tijdig beroep in cassatie ingesteld. Nadat de aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv was betekend, bleek mij bij de bestudering van de zaak dat in het dossier niet is te vinden dat het door het openbaar ministerie ingestelde beroep in cassatie ingevolge art. 433, eerste lid, Sv aan de verdachte in persoon was aangezegd. Dat betekent dat aan de inzending van de stukken op grond van art. 434, derde lid Sv geen gevolg zou kunnen worden gegeven totdat de aanzegging aan verdachte heeft plaatsgevonden, tenzij anderszins blijkt dat de verdachte van het cassatieberoep op de hoogte is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/81d98d8566da80a8ea348a980edd2a674c9a73a5aae156d11013c099fd3ac6ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 81d98d8566da80a8ea348a980edd2a674c9a73a5aae156d11013c099fd3ac6ae, en de alinea staat in dat document op bytes 5562 tot 6209.