Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2011

Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP4663.

De kern van de klacht in cassatie begrijp ik aldus dat de rechtbank ten onrechte bescheiden waaruit onder meer kan blijken dat de geheimhouder contact heeft gehad met zijn cliënt, hoe vaak dat is geschied, welke andere activiteiten de geheimhouder ten behoeve van zijn cliënt heeft verricht, onder de geheimhoudingsplicht heeft begrepen, hoewel over de inhoud van deze activiteiten niets uit deze bescheiden kan blijken. Volgens de steller van het middel betreft de geheimhoudingsplicht enkel gegevens die in het vertrouwelijk verkeer tussen geheimhouder en cliënt zijn gewisseld. De vraag rijst dus of het verschoningsrecht zich niet alleen uitstrekt tot datgene wat onderling in vertrouwen is medegedeeld, maar ook tot het gegeven dát iemand zich aan een geheimhouder heeft toevertrouwd. Dergelijke "formele" gegevens kunnen zijn neergeslagen in agenda's, afsprakenkaarten, verantwoordingsstaten, declaraties et cetera.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/700b06ccfdf927d26ab3dc84ac9c1ffacf4c77b00fa6b4fe72a27b37bc1a2fb9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 700b06ccfdf927d26ab3dc84ac9c1ffacf4c77b00fa6b4fe72a27b37bc1a2fb9, en de alinea staat in dat document op bytes 10308 tot 11247.