Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2011

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP5162.

3.5.1. Om met mijn conclusie te beginnen: ik ben van oordeel dat het hof in deze zaak ten onrechte heeft nagelaten het bedrag van de in rechte toegekende vordering van de benadeelde partij wat betreft de locatie aan de [a-straat 1] in mindering te brengen op het voordeel dat is gegenereerd door de aldaar gesitueerde hennepkwekerij. Als ik het goed zie heeft dit tot gevolg dat de veroordeelde tweemaal hetzelfde geldbedrag moet betalen, eenmaal aan de staat en eenmaal aan de benadeelde partij. Het hof staat volgens mij niet alleen in zijn kennelijke gedachtegang. Ik vrees dat in de praktijk in gevallen die vergelijkbaar zijn met deze zaak de facto veelvuldig (huiselijk uitgedrukt) "dubbel wordt ontnomen", en ik zie hierin een spanning met de uitgangspunten van de ontnemingswetgeving.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac0aef1f164b58b8aa6f3c9bd98fca0befc335d1619bf4ab432d1faf523ecbb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac0aef1f164b58b8aa6f3c9bd98fca0befc335d1619bf4ab432d1faf523ecbb3, en de alinea staat in dat document op bytes 15522 tot 16327.