Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2011

Alinea 95 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP5162.

3.9.7. De toepassingsvoorwaarden voor artikel 36e, lid 6 Sr zijn m.i. dus vervuld. Aan de ratio legis is naar mijn opvatting, dat mag inmiddels wel duidelijk zijn, eveneens voldaan. De betreffende vordering dient op het vastgestelde voordeel in mindering worden gebracht, althans - nogmaals - voor zover de schade waarvan vergoeding wordt gevorderd correspondeert met genoten voordeel. Het onuitgesproken en andersluidende oordeel van het hof getuigt m.i. van een onjuiste rechtsopvatting omtrent de toepassingsvoorwaarden van die wetsbepaling, dan wel is dit oordeel zonder nadere motivering, die ontbreekt, onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac0aef1f164b58b8aa6f3c9bd98fca0befc335d1619bf4ab432d1faf523ecbb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac0aef1f164b58b8aa6f3c9bd98fca0befc335d1619bf4ab432d1faf523ecbb3, en de alinea staat in dat document op bytes 48414 tot 49051.