Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2011
Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP6138.
5.5.2. Voor deze door de wetgever voorgestane systematiek is veel te zeggen. Een verdenking in de zin van artikel 27, eerste lid Sv (dus voorafgaande aan het instellen van een strafvervolging) is situationeel bepaald. Het redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit hangt af van feiten en omstandigheden. Of daaruit een verdenking voortvloeit is in eerste instantie ter beoordeling van politie en justitie. Zij zijn op dat moment als geen ander in staat te toetsen of dergelijke feiten en omstandigheden zich voordoen. Die autoriteiten worden dus geacht te weten of enig persoon moet worden aangemerkt als verdachte, en zij zijn dus toegerust om daarnaar op de voet van artikel 96a, tweede lid Sv te handelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb8a4530f66d824d5ab91dc2f766522baa6c4a6c45ee3299d5fe929ec5e9cb00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb8a4530f66d824d5ab91dc2f766522baa6c4a6c45ee3299d5fe929ec5e9cb00, en de alinea staat in dat document op bytes 24535 tot 25267.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fb8a4530f66d824d5ab91dc2f766522baa6c4a6c45ee3299d5fe929ec5e9cb00 | shasum -a 256