Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2011
Alinea 197 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP6159.
18. Het Hof heeft kennelijk als volgt geoordeeld. Uit de omstandigheid dat bij de verdachte een grote hoeveelheid goederen is aangetroffen welke goederen van zes verschillende diefstallen afkomstig waren en waarvan de verdachte wist dat deze niet zijn eigendom waren, vloeit voort dat verdachte ten tijde van het verwerven van de goederen moet hebben geweten althans bewust het risico op de koop toe moet hebben genomen dat deze goederen van diefstal afkomstig waren, tenzij de verdachte voor het aantreffen van een zo grote hoeveelheid gestolen goederen bij hem in huis een redelijke verklaring geeft, die de redengevendheid van genoemde omstandigheid voor het bewijs van het vereiste opzet ontzenuwt.(5) Omdat het laatste niet het geval is, is bewezen dat de verdachte ten tijde van het verwerven van die goederen (in de in art. 416 Sr bedoelde zin) wist dat die goederen van diefstal afkomstig waren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bc83d39fbb81a478d6ad933aa590d43c6ca443fbf86705e04e2a2f174fd75fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bc83d39fbb81a478d6ad933aa590d43c6ca443fbf86705e04e2a2f174fd75fd, en de alinea staat in dat document op bytes 45456 tot 46372.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7bc83d39fbb81a478d6ad933aa590d43c6ca443fbf86705e04e2a2f174fd75fd | shasum -a 256