Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2011

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP6159.

De leden van de GroenLinks-fractie lijken, gelet op de voorbeelden die ze geven, de ernst van een misdrijf te willen afmeten aan de soort en de duur van de straf die de rechter als reactie op het misdrijf oplegt. Zij vragen zich namelijk af of het niet disproportioneel is om een persoon te verplichten celmateriaal voor DNA-onderzoek af te staan, indien hij door de rechter wordt veroordeeld voor winkeldiefstal of verduistering en een taakstraf opgelegd krijgt van 40 uur. Deze vraag stellen zij ook ten aanzien van een minderjarige die door de kinderrechter wordt veroordeeld tot een leerstraf van 25 uur wegens schuldheling omdat hij een mobiele telefoon in bezit had waarvan later blijkt dat deze gestolen is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bc83d39fbb81a478d6ad933aa590d43c6ca443fbf86705e04e2a2f174fd75fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bc83d39fbb81a478d6ad933aa590d43c6ca443fbf86705e04e2a2f174fd75fd, en de alinea staat in dat document op bytes 15984 tot 16712.