Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2011

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP6567.

Op een dag heeft [verdachte] mij gebeld en verzocht om bij hem thuis te [plaats] langs te komen. Ik ben samen met [betrokkene 1] met de bus naar het huis van [verdachte] te [plaats] gegaan. Daar aangekomen vertelde [verdachte] ons dat hij een plan had om in de woning van zijn Nederlandse buren te gaan inbreken. Wij gingen akkoord om de inbraak te plegen en besloten in de woning van [verdachte] te wachten tot de buren van huis gingen. Toen de buren waren vertrokken liepen we naar de woning, sprongen over de muur en gingen naar binnen door de schuifdeur. Ik heb de woning op verschillende plaatsen doorzocht en trof in het dressoir een etui met sieraden aan. In het etui zat een gouden set met hals ketting, een armband, een polshorloge merk Omega en twee ringen. Ik heb de sieraden de volgende dag verpand voor Naf. 2100,- bij het pandhuis [A] te [plaats].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/121ee912271031cdf0b10d4e944df681a4ef88d5f122df6df222c027ccb410c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 121ee912271031cdf0b10d4e944df681a4ef88d5f122df6df222c027ccb410c6, en de alinea staat in dat document op bytes 18426 tot 19300.