Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011
Alinea 274 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP7544.
5.13 De steller van het middel verwijt het hof voorts een onjuiste maatstaf te hebben gehanteerd, door de afwijzing te baseren op het ontbreken van de noodzaak tot het toevoegen van de inhoud van telefoongesprekken aan het dossier, terwijl het hof eerder, op 24 januari 2008, die noodzaak nog wel aanwezig heeft geacht. In mijn inleidende opmerkingen heb ik al geschreven dat het hof kennelijk tot de conclusie is gekomen dat het doen van nieuwe verzoeken aan de AIVD nutteloos was, gezien de eerdere ervaringen met de AIVD. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk. Bovendien staat het de feitenrechter vrij om terug te komen op een eerdere beslissing, bijvoorbeeld op basis van nieuwe ontwikkelingen.(15)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7, en de alinea staat in dat document op bytes 73546 tot 74259.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7 | shasum -a 256