Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Alinea 280 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP7544.

5.17 De Hoge Raad kan zich hierin gesteund weten door het EHRM. Ook de rechtspraak van het EHRM kent gevallen waarin geklaagd is over schending van artikel 6 EVRM omdat bepaalde informatie niet voor de verdediging toegankelijk was. Onder omstandigheden behoeft deze beperking er niet aan in de weg te staan dat verdachte toch een eerlijk proces krijgt. In de zaak P.G. en J.H., nr. 44787/98,(17) was bijvoorbeeld afluisterapparatuur geïnstalleerd in de woning van een persoon van wie vermoed werd dat hij met anderen een overval op een geldtransport aan het voorbereiden was. De aanleiding voor deze stap was informatie die bij de politie was binnengekomen. De politiefunctionaris die het inleidende rapport had geschreven werd door de rechter ondervraagd buiten aanwezigheid van anderen. De politiefunctionaris weigerde ook bepaalde vragen die door de verdediging waren opgegeven te beantwoorden. De rechter besloot het rapport van de politiefunctionaris tot het bewijs toe te laten. Uiteindelijk werden betrokkenen veroordeeld voor het voorbereiden van een overval. Bij het EHRM klaagden de veroordeelden over schending van het eerste lid van artikel 6 EVRM. Hoewel deze zaak op een groot aantal punten verschilt van de zaak die thans aan de Hoge Raad is voorgelegd zijn de overwegingen van het EHRM relevant. Het EHRM overwoog:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7, en de alinea staat in dat document op bytes 78346 tot 79690.