Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Alinea 609 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP7544.

14.7 Deze klacht berust op een te beperkte lezing van de bewijsoverweging. Die houdt immers in dat, naar het oordeel van het hof, verdachte door haar participatie en actief uitdragen van een uitleg van religieuze geschriften, die het nastreven van (terroristische) misdrijven impliceert, blijk heeft gegeven zich er van bewust te zijn geweest dat de groep daarmee tevens het oogmerk had op de bewezenverklaarde terroristische misdrijven, waarbij het opzet van verdachte betrekking had op het leveren van een bijdrage aan de verwezenlijking van dat oogmerk. Met andere woorden, verdachte heeft weet gehad van het oogmerk van de organisatie en zij heeft willen bijdragen aan het realiseren daarvan. Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting omtrent het opzet als vereist in artikelen 140 en 140a Sr.(48)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7, en de alinea staat in dat document op bytes 210900 tot 211730.