Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011
Alinea 735 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP7544.
Het hof stelt vast dat de verdachte regelmatig in dezelfde kamer als de medeverdachte [medeverdachte] verbleef. Dit brengt met zich mee dat de verdachte zich gelet op het hiervoor overwogene in ieder geval willens en wetens heeft bloot gesteld aan de geenszins te verwaarlozen kans dat de medeverdachte [medeverdachte] genoemde wapens in haar bijzijn voorhanden had. Dat de verdachte hiervan enige vorm van wetenschap heeft gehad is ook af te leiden uit het feit dat in de tas met persoonlijke spullen van de verdachte, aangetroffen achter het kelderluik van de woning aan de [b-straat 1] te Den Haag, een verscheurd munitiedoosje en een haar zijn aangetroffen, die na onderzoek door het NFI bleek te matchen met het DNA van de verdachte. Niet blijkt dat de verdachte op enige wijze afstand heeft willen nemen van deze wapens.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7, en de alinea staat in dat document op bytes 260704 tot 261544.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7 | shasum -a 256