Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Alinea 771 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP7544.

Het hof acht deze vaststellingen eveneens redengevend voor het bewijs van de onder 3 en 4 tenlastegelegde wapens en munitie. De verklaring dat de verdachte in dat gesprek met haar broer aan het dollen was acht het hof niet geloofwaardig gelet op de aard en de overige tekst van dat telefoongesprek en in het bijzonder daar de verdachte in hetzelfde telefoongesprek aan haar broer mededeelt dat zij haar "lolbroek" niet aan had, alsmede de verklaring van haar broer waarin hij aangaf dat de verdachte hem, zijn ouders, en beide eerdergenoemde zusters in de periode waarin zij als vermist was aangegeven, nog wel eens belde en daarin zei dat ze de Koran verkeerd lazen, slechte moslims waren en dat ze moesten veranderen. Dat genoemde getuige aangeeft de verdachte in het telefoongesprek van 19 juni 2005 uit te kafferen om haar op die manier terug te lokken naar huis past daarin en maakt dit niet anders."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7, en de alinea staat in dat document op bytes 276094 tot 277012.