Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011
Alinea 796 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP7544.
18.13 Het hof heeft verwezen naar de ongelijksoortigheid van de strekking der onderscheiden strafbepalingen ter onderbouwing van zijn oordeel dat er geen sprake is geweest van hetzelfde feit. Mijns inziens geeft dat oordeel blijk van een onjuiste uitleg. In het zojuist genoemde arrest van de Hoge Raad was immers sprake enerzijds van een vervolging voor artikel 140 Sr, anderzijds voor artikel 225 Sr. Deze beide strafbepalingen hebben ook een andere strekking. Maar het kenmerkende van de artikelen 140, 140a en 96 Sr is dat zij voorbereidingshandelingen strafbaar stellen. Zij staan in relatie tot andere misdrijven, waarop het oogmerk van de organisatie is gericht of die worden voorbereid of bevorderd. Het voorbereidingsmisdrijf kan in die zin niet op zichzelf bestaan dat het altijd georiënteerd moet zijn op een ander misdrijf. Dat maakt mijns inziens dat de stap van het ene voorbereidende misdrijf naar het andere concrete misdrijf heel snel gezet is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7, en de alinea staat in dat document op bytes 286647 tot 287622.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc41f075c6f5e3cda14fd54ab23542ee9acd7e467bf6a3f99de2000cf05b73d7 | shasum -a 256