Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2011

Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP8696.

2.33. Onderdeel 5.3, dat verwijst naar stellingen van de man in de gedingstukken, klaagt over onbegrijpelijkheid van het oordeel dat de vrouw niet op korte termijn in staat moet worden geacht in haar eigen levensonderhoud te voorzien. Ook deze klacht faalt, om de eerder besproken reden. In het aanvullend cassatierekest (onder 7 en 8) is nader gesteld dat de man ter zitting in hoger heeft aangevoerd (i) dat de vrouw zich achter de inburgeringscursus verschuilt, (ii) dat de man al 7,5 jaar alimentatie betaalt terwijl het huwelijk slechts 2 jaar heeft geduurd en (iii) dat de vrouw nimmer serieuze sollicitatiepogingen heeft gedaan. Dit laatste zou ter zitting door de vrouw zelfs zijn erkend met de mededeling dat zij eerst de cursus wil afronden. De aanvullende klacht houdt in dat het hof hetzij blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting van 'behoeftigheid' als bedoeld in art. 1:157 BW, hetzij een onbegrijpelijke beslissing heeft gegeven dan wel zijn oordeel ontoereikend heeft gemotiveerd door deze essentiële omstandigheden niet kenbaar in de afweging te betrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b60653643d72c81decb8219f63f8cd0746c2198b3ae272003162a66d01e29cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b60653643d72c81decb8219f63f8cd0746c2198b3ae272003162a66d01e29cb, en de alinea staat in dat document op bytes 40856 tot 41948.