Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9038.

Volgens het onderdeel heeft het hof zich klaarblijkelijk geen rekenschap gegeven van de procedurele gang van zaken vanaf de rolzitting van 2 december 2008 toen partijen beraad is gegund over het incident. Het onderdeel betoogt daartoe dat partijen onmiskenbaar - conform de instructies van het hof - uitsluitend rolhandelingen hebben verricht in dat incident en op 10 februari 2009 slechts hebben gevraagd om arrest in het incident, waartoe zij ook uitsluitend hebben gefourneerd. Kennelijk, aldus het onderdeel, heeft het hof over het hoofd gezien dat partijen zich, naar zij begrepen en mochten begrijpen, uitsluitend dienden uit te laten over de vraag of zij al dan niet dadelijk arrest in het incident wensten en zich ook uitsluitend daarover hebben uitgelaten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db10a74905af76163b9aa509c4780439939c42c9028fbe1788a7dc4e25730066. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db10a74905af76163b9aa509c4780439939c42c9028fbe1788a7dc4e25730066, en de alinea staat in dat document op bytes 9502 tot 10281.