Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9038.

Daarop voortbouwend klaagt onderdeel 2 dat het hof het verzoek van D&S (en Ahold) om arrest in het art. 843a Rv-incident in de gegeven omstandigheden niet kon uitleggen in de zin dat D&S (en Ahold) tevens arrest wenste(n) in de hoofdzaak en afzag(en) van pleidooien, nu (i) partijen ook in appel in beginsel recht op pleidooi hebben, welk recht partijen in een geval als het onderhavige niet zonder hun inspraak en bij verrassing ontnomen kan worden en (ii) D&S er op grond van art. 209 Rv. resp. het gebruikelijke procesbeleid bij de rechtbanken en hoven, redelijkerwijs van uit mocht gaan dat het hof eerst en vooraf zou beslissen in het art. 843a Rv-incident.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db10a74905af76163b9aa509c4780439939c42c9028fbe1788a7dc4e25730066. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db10a74905af76163b9aa509c4780439939c42c9028fbe1788a7dc4e25730066, en de alinea staat in dat document op bytes 10289 tot 10976.