Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9396.
[verdachte] geeft in haar verklaring als verdachte van 20 maart 2006, verschillende redenen voor het intensieve telefoonverkeer als vorenbedoeld. Deze verklaring wordt op geen enkele wijze ondersteund door de getuigenverklaringen van [medeverdachte 3], [medeverdachte 1] en [medeverdachte 4] terzake en geeft evenmin een verklaring voor het die middag korte tijd naar buiten en weer naar binnen gaan van [medeverdachte 3], [betrokkene 9] en [medeverdachte 4] (met een mobiele telefoon). Bovendien heeft [verdachte] bij haar verhoor van 5 april 2006 bij de politie verklaard, dat zij zich wel kan herinneren dat er is gebeld op 28 januari 2006, doch dat zij zich niet kan herinneren waar zij die 28ste januari zo vaak over heeft gebeld en waar de gevoerde gesprekken die dag over gingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5c065fc44e10fef07da0167601f1269430eba255bcb8bd9716f4084893bf178. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5c065fc44e10fef07da0167601f1269430eba255bcb8bd9716f4084893bf178, en de alinea staat in dat document op bytes 14856 tot 15656.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a5c065fc44e10fef07da0167601f1269430eba255bcb8bd9716f4084893bf178 | shasum -a 256