Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9396.

Het hof wijst het verzoek tot voeging van de gedragskundige rapportages anno mei 2009 inzake [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] af, nu - mede gelet op hetgeen door de verdediging ter onderbouwing in hoger beroep is aangevoerd - van de noodzaak hiertoe niet is gebleken. Om redenen van privacy worden dergelijke rapportages in beginsel niet gevoegd in het dossier van een medeverdachte zonder toestemming van de betrokkene. Het hof ziet in hetgeen door de raadsman ter onderbouwing van het verzoek is aangevoerd geen reden van dit standpunt af te wijken. Het hof overweegt hiertoe dat dergelijke rapportages zijn opgesteld met een ander doel dan de beantwoording van enige vraag ex artikel 348-350 van het Wetboek van Strafvordering in de zaak van een medeverdachte, alsmede dat ook overigens niet aannemelijk is gemaakt dat de bedoelde rapportages noodzakelijk zijn ter beantwoording van, dan wel op enigerlei wijze in verband staan met een te nemen beslissing op, de vragen van artikel 348-350 van het Wetboek van Strafvordering in de zaken van [verdachte] en [medeverdachte 2]."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5c065fc44e10fef07da0167601f1269430eba255bcb8bd9716f4084893bf178. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5c065fc44e10fef07da0167601f1269430eba255bcb8bd9716f4084893bf178, en de alinea staat in dat document op bytes 31864 tot 32961.