Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9860.
2.4 Ik veronderstel dat het onderdeel zich richt tegen de eerste zin van rechtsoverweging 19. Voorts stel ik voorop dat uit het proces-verbaal van de zitting van het hof op 15 oktober 2009 niet blijkt dat de vrouw tijdens de mondelinge behandeling bezwaar heeft gemaakt tegen de in haar ogen te late toezending.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0, en de alinea staat in dat document op bytes 10697 tot 11022.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0 | shasum -a 256