Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9860.

2.6 Met betrekking tot de aard van de ingediende stukken (bijlagen 17 tot en met 26) merk ik op dat het voor het grootste deel brieven, e-mails en sms-berichten betreffen die geen complexe, vaktechnische inhoud bevatten. Uit de aard van het verweer ("de man heeft de stukken vervalst") en het proces-verbaal blijkt bovendien dat de vrouw (precies) op de hoogte was van de door de man in het geding gebrachte brieven, e-mails en sms-en, alsook van de overige stukken (verklaringen van derden) en daarop ter zitting ook heeft gereageerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0, en de alinea staat in dat document op bytes 12716 tot 13264.