Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011
Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9860.
2.20 Overigens merk ik op dat in cassatie geen - duidelijke - klacht wordt gericht tegen het oordeel van het hof dat de stelling van de man, dat de vrouw zich grievend jegens hem heeft gedragen, wordt gesteund door informatie van zowel de politie als van de moeder van de ex-partner, de nieuwe partner en de ex-partner van de man en dat de vrouw deze informatie onvoldoende heeft weersproken. Te betogen valt dat de stellingen van derden, de schriftelijke stukken weggedacht, het oordeel van het hof met betrekking tot het grievende gedrag van de vrouw zelfstandig kunnen dragen. In dat geval zouden de klachten uit de onderdelen 2 en 3 met betrekking tot de vervalsing van schriftelijke stukken ook bij gebrek aan belang kunnen falen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0, en de alinea staat in dat document op bytes 27074 tot 27822.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2f06f6a2015f90ff229a5ebba18a44ce9b7bcfe3474f0d72fb5b49df4a4abce0 | shasum -a 256