Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9875.
2.13 Onderdeel 6 richt zich tegen rov. 8.1 waarin het hof overweegt dat het verzoek van de vrouw tot overlegging van financiële bescheiden niet-ontvankelijk dient te worden verklaard omdat dat verzoek betrekking heeft op de afwikkeling van het huwelijksvermogen. Volgens het onderdeel is dit onjuist althans onbegrijpelijk nu de vrouw in haar verweerschrift in eerste aanleg afzonderlijk van elkaar een nevenverzoek tot overlegging van stukken alsmede een nevenverzoek tot verdeling van het huwelijksvermogen heeft gevorderd (zie onder k en l op blz. 6 van dat verweerschrift). Niet gesteld of gebleken zou zijn dat de vordering tot overlegging van stukken buiten de strekking van artikel 827 lid 1 onder f Rv zou vallen. Omdat het aldus ging om twee aparte nevenverzoeken, kan het volgens het onderdeel niet anders zijn dan dat de rechtbank met een afwijzing van het verzoek tot overlegging van stukken(8) een eindbeslissing heeft gegeven in de zin van artikel 358 lid 1 Rv. Daarnaast zou het oordeel van het hof, dat geen sprake is van een apart nevenverzoek tot overlegging van stukken en derhalve van een eindbeslissing in de zin van voornoemd wetsartikel, onbegrijpelijk zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b12e2fa61ed884903d77c63f1ff9a4be0420cacfc5d1a697ebf530e0a5cdc879. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b12e2fa61ed884903d77c63f1ff9a4be0420cacfc5d1a697ebf530e0a5cdc879, en de alinea staat in dat document op bytes 17992 tot 19188.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b12e2fa61ed884903d77c63f1ff9a4be0420cacfc5d1a697ebf530e0a5cdc879 | shasum -a 256