Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ0505.

3.10 Het onderscheid tussen niet-ontvankelijkheid en afwijzing is, zo is lange tijd de opvatting geweest, niet altijd duidelijk te maken. AG Leijten merkte in een conclusie (bij Hoge Raad 13 november 1987, LJN AC3287, NJ 1988/254, par. 35)(13) op: "Het Nederlandse (burgerlijk) procesrecht kent eigenlijk de niet-ontvankelijkverklaring niet als 'officiële' uitspraak. Meestal wordt er mee bedoeld dat de vordering wordt afgewezen omdat het daartoe aangevoerde het gevorderde niet kan bewerkstelligen." Oftewel: als een verzoeker een cruciaal element voor het verzoek niet opvoert, volgt niet-ontvankelijkheid. Als hij het wel opvoert, maar de rechter neemt het niet aan, dan wordt de gevraagde voorziening geweigerd, c.q. het verzoek afgewezen. Overigens is niet-ontvankelijkheid inmiddels wel met zo veel woorden te vinden in art. 334 Rv en 1:349 BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee772be18059c9696ef0f2bb93c1f39316abce1da7d43c1d35013e796a3bab24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee772be18059c9696ef0f2bb93c1f39316abce1da7d43c1d35013e796a3bab24, en de alinea staat in dat document op bytes 29518 tot 30384.