Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011
Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ0505.
4.2 De eerste klacht (par. 5.2 cassatieverzoek) betreft het oordeel van de Ondernemingskamer dat de intrekking door Rhodia tot gevolg heeft dat de procedure ten aanzien van haar als verzoekster is geëindigd. De Ondernemingskamer had, aldus de klacht, Rhodia niet-ontvankelijk moeten verklaren. Door dat niet te doen, heeft de Ondernemingskamer art. 283 Rv en art. 2.1.2.8 van het Procesregelement verzoekschriftprocedures handels- en insolventiezaken gerechtshoven geschonden, aldus [verzoeker].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee772be18059c9696ef0f2bb93c1f39316abce1da7d43c1d35013e796a3bab24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee772be18059c9696ef0f2bb93c1f39316abce1da7d43c1d35013e796a3bab24, en de alinea staat in dat document op bytes 36620 tot 37130.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee772be18059c9696ef0f2bb93c1f39316abce1da7d43c1d35013e796a3bab24 | shasum -a 256