Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Alinea 53 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ1703.

De opvatting dat er bij zo'n wettelijke 'mits'-constructie inderdaad sprake is van een 'herlevend verbodsrecht' dient m.i. overigens genuanceerd te worden. Aan de 'herlevende' mogelijkheid van - door dwangsommen versterkte - verbodsvorderingen valt te denken als over de daadwerkelijke verschuldigdheid van de (standaard-) vergoeding voor toekomstige (standaard-) gevallen geen discussie meer mogelijk is. (Pas) dan heeft men, in andere woorden, te doen met notoire wanbetaling. Is er wél ruimte voor discussie, dan moet de vordering niet via de omweg van (dreigen met) een verbodsvordering gerealiseerd kunnen worden, maar als financieel vorderingsrecht opgelost c.q. uitgeprocedeerd worden.(18)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ddf11072e717c03364449e48e02843bbab68aa6846f4105fcc2b0cb77d2f3cbf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ddf11072e717c03364449e48e02843bbab68aa6846f4105fcc2b0cb77d2f3cbf, en de alinea staat in dat document op bytes 20852 tot 21563.