Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ2178.

2.2 Onderdeel 1 bevat de klacht dat het GHvJ blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting omtrent het vereiste van 'wetenschap van benadeling van schuldeisers' als bedoeld in artikel 38 (oud) Faillissementsbesluit. Gesteld wordt dat het hof voor de vaststelling van de aanwezigheid van 'wetenschap van benadeling van schuldeisers' als maatstaf aanhoudt of UF en Artocarpus op 5 maart 2000 wisten of hadden moeten begrijpen dat tengevolge van de cessie een reëel gevaar voor insolventie zou ontstaan((8)), in plaats van de maatstaf of UF en Artocarpus wisten of behoorden te weten dat de cessie benadeling van de schuldeisers tot gevolg zou hebben. In het kader van de toelichting op het cassatiemiddel wordt nader opgemerkt dat de juiste maatstaf is: "dat van wetenschap van benadeling (...) sprake is indien ten tijde van de handeling het faillissement en een tekort daarin met een redelijke mate van waarschijnlijkheid waren te voorzien voor zowel de schuldenaar als degenen met of jegens wie de schuldenaar de rechtshandeling verrichtte."((9))

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ff96a4db5aaf98c5c6c896b097f736f637fa85a9aa3dc1704a4a20791202ab7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ff96a4db5aaf98c5c6c896b097f736f637fa85a9aa3dc1704a4a20791202ab7, en de alinea staat in dat document op bytes 12941 tot 14001.