Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ2178.

2.4 In rov. 21 van het eindvonnis bezigt het GHvJ gedeeltelijk andere bewoordingen voor het omschrijven van de maatstaf voor de vaststelling of er sprake is van wetenschap van benadeling in de zin van artikel 38 (oud) Faillissementsbesluit 1931. Het GHvJ spreekt van eensdeels: 'UF en Artocarpus wisten of hadden moeten begrijpen', en anderdeels: 'dat tengevolge van de cessie een reëel gevaar voor insolventie zou ontstaan'. De vraag of het hof hiermee blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting rijst vooral met betrekking tot het tweede gedeelte. Tussen 'weten en behoren te weten' enerzijds en 'weten en hebben moeten begrijpen' anderzijds valt immers geen verschil te onderkennen. Ligt dat anders voor het tweede gedeelte? Het komt voor dat dit niet het geval is. Mede uit de context van het geval valt af te leiden dat het GHvJ met 'insolventie' het oog heeft op de situatie van een faillissement waarbij sprake is van een tekort aan verhaalsmogelijkheden voor de schuldeisers, terwijl het hof bovendien uitgaat van een verband tussen het ontstaan van die situatie en de aangevochten handeling, de cessie. Verder bestaat er, zo schijnt het toe, geen althans geen in de praktijk te meten verschil tussen een 'reëel gevaar' van het ontstaan van die situatie en 'een redelijke mate van waarschijnlijkheid' van het ontstaan van die situatie. Anders gezegd, er is onvoldoende grond om aan te nemen dat het GHvJ tot het oordeel dat in casu niet voldaan is aan de voorwaarde van 'wetenschap van benadeling', is gekomen omdat het de voorwaarde van 'wetenschap van benadeling van de schuldeisers' anders heeft beoordeeld dan het zou hebben gedaan, wanneer het de door de Hoge Raad in het arrest ABN AMRO/Van Dooren q.q. III gebezigde formulering van de maatstaf voor de beoordeling van de aanwezigheid van die wetenschap zou hebben aangehouden. Bij die stand van zaken gaat het verwijt aan het GHvJ dat het van een onjuiste rechtsopvatting is uitgegaan, niet op.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ff96a4db5aaf98c5c6c896b097f736f637fa85a9aa3dc1704a4a20791202ab7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ff96a4db5aaf98c5c6c896b097f736f637fa85a9aa3dc1704a4a20791202ab7, en de alinea staat in dat document op bytes 17179 tot 19155.