Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2011

Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ3742.

4.3 Uit het vorenstaande volgt dat een verzoek is gedaan als bedoeld in art. 315 Sv in verbinding met art. 328 Sv en dat de voorwaarde waarvan het verzoek afhankelijk is gemaakt is vervuld, nu het hof in het bestreden arrest bewezen heeft verklaard dat verdachte heeft gepoogd de bromfiets te stelen en onder meer de verklaring van de getuige [getuige 1] tot het bewijs heeft gebezigd (bewijsmiddel 3). Dat brengt mee dat het hof aan het gedane verzoek tot het horen van de getuige niet had mogen voorbijgaan en daarop een uitdrukkelijke beslissing had moeten geven. Noch het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep, noch het bestreden arrest houdt een zodanige beslissing in. Dat verzuim heeft ingevolge art. 330 Sv in verbinding met art. 415 Sv nietigheid tot gevolg.(2)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb35bee2a2fdbde532b76a675898a3b857b06f5044ab7cd784d0e3a614885c59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb35bee2a2fdbde532b76a675898a3b857b06f5044ab7cd784d0e3a614885c59, en de alinea staat in dat document op bytes 24948 tot 25747.