Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2011

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ5708.

"Ik heb op 15 september 2003 niet als bestuurder in een auto gereden. Op 15 september 2003 was mijn zusje jarig. Ik ben op die verjaardag geweest. Op die verjaardag waren ook mijn neef [betrokkene 5] en diens vriendin [betrokkene 6]. Ik weet dat zij die avond de auto van mijn vader hebben geleend. Ik heb ook van hem gehoord dat de auto toen is gestolen. Wij wisten toen nog niet dat met die auto een ongeluk had plaatsgevonden op de Lelylaan te Amsterdam. Drie dagen na het ongeval zag ik onze auto toevallig staan. De auto had schade. Ik wist toen nog niet dat met die auto het ongeval had plaatsgevonden. Ik zag dat de voorruit van de auto versplinterd was. Ik ben in de auto gestapt. Ik heb aan het gebroken raam gevoeld, ik heb mij daarbij in mijn hand gesneden. Ik wilde toen niet naar de politie gaan om te vertellen over de vondst van de auto. In verband met mijn verleden wist ik niet hoe de politie dat zou oppakken. Ik heb tegen niemand iets over het aantreffen van die auto gezegd, ook niet tegen mijn vader of tegen [betrokkene 5] of [betrokkene 6]. Ik heb geen andere schade aan de auto gezien dan schade aan die ruit."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a59eb864853f7f90191b53c03e25005b94079422e1a020825744b4f1c735ccaa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a59eb864853f7f90191b53c03e25005b94079422e1a020825744b4f1c735ccaa, en de alinea staat in dat document op bytes 20004 tot 21151.