Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2011
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ6720.
Wat daar ook van zij, zelfs indien aangenomen zou moeten worden dat [slachtoffers] zijn begonnen, dan nog is niet aannemelijk geworden dat in casu sprake is geweest van een noodweersituatie. Volgens verdachte en zijn broer stonden zij vóór de winkel van verdachte, toen zij [slachtoffers] zagen aankomen. Verdachte en zijn broer hadden die confrontatie kunnen vermijden door zich terug te trekken in de winkel van verdachte. Daarenboven is ook de wijze waarop verdachte en zijn broer zich hebben verdedigd (met een mes of een daarop gelijkend voorwerp) disproportioneel te noemen nu uit het onderzoek ter terechtzitting niet is gebleken dat (een of meer van) [slachtoffers] de beschikking had(den) over dergelijke voorwerpen. Het hof verwerpt derhalve het beroep op noodweer dan wel noodweerexces."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc445a741e1cebabf64dab44d2984068fe101afb99f921d38d4bb19cd0fd4f22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc445a741e1cebabf64dab44d2984068fe101afb99f921d38d4bb19cd0fd4f22, en de alinea staat in dat document op bytes 8353 tot 9166.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc445a741e1cebabf64dab44d2984068fe101afb99f921d38d4bb19cd0fd4f22 | shasum -a 256