Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ7061.

2.8. Het oordeel is niet onbegrijpelijk. In het bijzonder maken het eindverslag van Bureau Stek en het feit dat de oudste zoon weer bij zijn ouders woont niet dat de beslissing ten aanzien van het gezag over de dochter onbegrijpelijk is. Zoals gezegd, dient voor elk kind afzonderlijk een beoordeling plaats te vinden. Deze behoeft niet voor alle kinderen van deze ouders tot hetzelfde resultaat te leiden. Dat het hof op de actuele stand van zaken heeft gelet, blijkt onder meer uit de constatering dat "de ouders, ondanks de uithuisplaatsing van inmiddels vrijwel al hun kinderen, geen verandering in de situatie hebben gebracht" (rov. 13) en uit de overweging "dat de ouders tot op heden geen wijziging hebben gebracht in hun leefwijze en, gelet op de ter terechtzitting door de ouders gedane verklaringen, niet te verwachten is dat zij hierin in de toekomst verandering zullen brengen" (rov. 15). De slotsom is dat middel II niet tot cassatie leidt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d28811b944176a9fbc404ff4e2587b495ee7ecec8c249b63173b958f0ee59cdb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d28811b944176a9fbc404ff4e2587b495ee7ecec8c249b63173b958f0ee59cdb, en de alinea staat in dat document op bytes 19158 tot 20124.