Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2011

Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ8019.

7. Voorts wordt in de toelichting op het middel geklaagd dat het Hof, door te overwegen dat er geen noodzaak is [getuige 3] als getuige te horen omdat uit diens verklaring blijkt dat er geen camerabeelden zijn, er aan is voorbijgegaan dat is verzocht de getuige te horen omdat deze in een eerdere strafzaak tegen de verdachte onzorgvuldig heeft gehandeld, die onzorgvuldigheid toen tot vrijspraak heeft geleid en de verdachte ervan overtuigd is dat de getuige ook in de onderhavige zaak onzorgvuldig heeft gehandeld. Volgens de pleitnota zou die onzorgvuldigheid hierin hebben bestaan dat de getuige niet tijdig de camerabeelden heeft opgevraagd en dat verdachtes verklaring door [getuige 3] niet goed is opgenomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9c3dfd1ad4f0b947fc2abe0f2113f426fb09306719aa1e1d22e53147681ccd6c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9c3dfd1ad4f0b947fc2abe0f2113f426fb09306719aa1e1d22e53147681ccd6c, en de alinea staat in dat document op bytes 6179 tot 6907.