Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011

Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ9880.

3. De principaal verweerders in cassatie, [verweerder] c.s., stellen dat zij vermoeden dat de principaal eiser tot cassatie, de Staat (in dit geval verpersoonlijkt in het Staatsorgaan het OM) hen verdenkt van overtreding van art. 138a Sr. en (daarom) mogelijk toepassing van art. 551a Sv. in de zin heeft; en de Staat heeft die stelling niet betwist. In aansluiting hierop nemen [verweerder] c.s. het standpunt in dat zij ten aanzien van de ruimte(n) waarop de verdenking e.a. betrekking zou hebben, aanspraak hebben op "huisrecht", oftewel op het o.a. in art. 8 EVRM tot uitdrukking komende recht op "respect voor ... zijn woning". Een ontruiming op de voet van art. 551a Sv. zou volgens hen om verschillende redenen onverenigbaar zijn met dit recht, zoals dat in het licht van de rechtspraak van het EHRM moet worden uitgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebd2bfe0eb02a81b41013c8ac4236716f47dcdddceec589fad435a7426b570aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebd2bfe0eb02a81b41013c8ac4236716f47dcdddceec589fad435a7426b570aa, en de alinea staat in dat document op bytes 7238 tot 8080.