Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011
Alinea 136 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BR0664.
Gelet op het inkomenszwakke karakter van de forfaitaire rendementsheffing vraag ik mij af of het begrip "bron van inkomen " in elk geval in box 3 nog wel van toepassing is. De memorie van toelichting lijkt op twee gedachten te hinken. Enerzijds het constateren van (forfaitair bepaalde) inkomsten. Waarschijnlijk om te kunnen rechtvaardigen om deze heffing in de inkomstenbelasting te kunnen onderbrengen. Anderzijds het in de heffing betrekken van onder de huidige wet onbelast blijvende vermogenswinsten. Bij dit laatste wordt geconstateerd dat de onvolkomenheden in het huidige objectieve systeem van inkomsten uit vermogen leiden tot een onrechtvaardige verdeling van de belastingdruk. Het heeft er naar mijn mening dan ook alles van weg dat het begrip "bron van inkomen ", althans voorzover het betreft de forfaitaire rendementsheffing, volledig overboord wordt gegooid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439, en de alinea staat in dat document op bytes 43512 tot 44400.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439 | shasum -a 256