Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011

Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BR0664.

2.7 De Rechtbank overwoog dat '[m]et het woord "voordeel" in artikel 5.2 van de Wet IB 2001 wordt bedoeld het op forfaitaire wijze bepaalde voordeel. Hierbij is niet relevant of met een bepaalde tot de rendementsgrondslag behorende bezitting ook daadwerkelijk voordeel wordt behaald of kan worden behaald.' Voorts overwoog de Rechtbank dat 'de wetgever welbewust [heeft] afgezien van een nadere verfijning op grond van het moment van verkrijgen dan wel het verlies van bezittingen (vergelijk Hoge Raad 9 mei 2008, nr. 43.408, gepubliceerd op rechtspraak.nl).' De Rechtbank heeft het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439, en de alinea staat in dat document op bytes 8190 tot 8832.