Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011

Alinea 261 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BR0664.

7.9 In overeenstemming met het voorgaande rekent de wetgever tot de heffingsgrondslag "in beginsel alle bezittingen (...) die in economische zin rendement kunnen opleveren" (zie 4.4, alsmede 4.14 en 4.20). Dat wil niet zeggen dat die zaken "bron" in de van oudsher bekende betekenis van dat begrip vormen; anders dan bij een vermogensbron behoren immers ook waardemutaties tot de vrucht in economische zin (zie 4.8). Bovendien is de literatuur eenstemmig van oordeel dat de bekende eisen "voordeel beogen, voordeel verwachten" hier niet gelden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439, en de alinea staat in dat document op bytes 92264 tot 92821.