Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011
Alinea 283 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BR0664.
8 A-G Wattel geeft in zijn conclusie bij Hoge Raad 9 oktober 2009, LJN: BF3856, nr. 07/11868, BNB 2010/32, de voorkeur aan de term 'fictief', omdat met het veronderstelde rendement geen poging wordt gedaan de werkelijkheid te benaderen (tegenbewijs is ook niet toegelaten). Geppaart omschrijft een forfait als 'een fictie voor een kwantitatieve maatstaf.' (Ch.P.A. Geppaart, 'Over een robuuste fictie', WFR 1999/493.)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439, en de alinea staat in dat document op bytes 97194 tot 97624.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f2dfe6ece8c3d6bae68d8ac40048f78927f146f0530ea4f3996ff1a12700a439 | shasum -a 256