Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2011
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 6 december 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BR1146.
3.8. De kritiek van de steller van het middel op dit onderdeel van de motivering van de verwerping van het verweer onderschrijf ik. Uiteraard is het zo dat de persoonlijkheid van verdachte geen uitwendige oorzaak van niet-toerekening kan zijn, maar de persoonlijkheid is wel relevant voor de beantwoording van de vraag of van deze verdachte redelijkerwijs kon worden gevergd dat hij weerstand bood aan de druk die vanuit de groep op hem werd uitgeoefend. Bij de beoordeling van het beroep op overmacht kan de persoonlijkheid van de verdachte niet buiten schot blijven.(5) Hoe externe factoren intern, psychisch, door een verdachte worden verwerkt hangt in belangrijke mate af van de persoonlijkheid van verdachte.(6) Met die individualiteit van verdachte zal rekening moeten worden gehouden, zij het dat hierin een zekere objectivering door de redelijkheid moet worden aangebracht. De vraag is dan wat er redelijkerwijs gevergd kan worden van een persoon als verdachte.(7)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c79917fae62637fe695200c84f931b6a03d343fdf7548cd0fb5b91268a33bbf6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c79917fae62637fe695200c84f931b6a03d343fdf7548cd0fb5b91268a33bbf6, en de alinea staat in dat document op bytes 18656 tot 19641.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c79917fae62637fe695200c84f931b6a03d343fdf7548cd0fb5b91268a33bbf6 | shasum -a 256