Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 november 2011
Alinea 396 Parket bij de Hoge Raad 25 november 2011
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BR4807.
10.11 De belanghebbende stelt dat het Hof haar ten onrechte geen vergoeding van werkelijke proceskosten overeenkomstig art. 2(3) Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) heeft toegekend. Het Hof heeft zich volgens haar ten onrechte niet uitgelaten over de vraag of forfaitaire bezwaarkostenvergoeding toereikend is of recht bestaat op vergoeding van de werkelijke kosten. De belanghebbende wijst erop dat zij in de bezwaarfase gedeeltelijk in het gelijk is gesteld en dat de Inspecteur zelf heeft erkend een onrechtmatige daad te hebben begaan. Ter zake van de (hoger) beroepsfase(n) stelt zij dat het Hof doel en strekking van art. 8:75 Awb heeft miskend omdat ook bij een ongegrond hoger beroep een kostenvergoeding kan worden toegekend. Gezien de in haar hoger beroepschrift geschetste omstandigheden, had het Hof dat haars inziens behoren te doen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1663b1a9adbb23e9b3c71602d4445e797273fb5371822fbeec784ea75dc4ed04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1663b1a9adbb23e9b3c71602d4445e797273fb5371822fbeec784ea75dc4ed04, en de alinea staat in dat document op bytes 158487 tot 159351.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1663b1a9adbb23e9b3c71602d4445e797273fb5371822fbeec784ea75dc4ed04 | shasum -a 256