Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT2175.

10. Het vierde en laatste bezwaar houdt in, dat van [verdachte] niet mag worden verwacht dat hij alle juridische merites en eventuele interpretatieve oordelen van kinderrechters daaromtrent uitgebreid gaat zitten afwegen. Bij noodweer tegen een ogenblikkelijke aanranding kan elke seconde vertraging te laat zijn. Het onheil kan dan al zijn geschied. [verdachte] ging op zijn rechtsgevoel af en heeft zijn vriend op proportionele wijze geholpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c54cf263433ac1db97b86f2366fd12be2544a5094e2acff79fcae2052cf42088. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c54cf263433ac1db97b86f2366fd12be2544a5094e2acff79fcae2052cf42088, en de alinea staat in dat document op bytes 14694 tot 15152.