Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT2175.

4.7. De verwerping van het beroep op noodweer laat in het ongewisse of het Hof de feiten en omstandigheden die de raadsman ter terechtzitting in hoger beroep aan het gevoerde verweer ten grondslag heeft gelegd niet aannemelijk heeft geacht, dan wel of die feiten en omstandigheden naar het oordeel van het Hof een beroep op noodweer niet rechtvaardigen, nu [betrokkene 1] zelf de confrontatie met [slachtoffer] heeft opgezocht. Eenzelfde onduidelijkheid kleeft de derde volzin aan. Heeft het Hof niet aannemelijk geacht dat de situatie zoals die door de verdediging werd geschetst, zich voordeed of heeft het Hof geoordeeld dat die situatie geen onmiddellijk dreigend gevaar voor [betrokkene 1] opleverde, of niet een zodanig gevaar dat ingrijpen noodzakelijk was? Dit brengt mee dat het Hof de verwerping van het verweer niet naar de eis der wet met redenen heeft omkleed.(1)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c54cf263433ac1db97b86f2366fd12be2544a5094e2acff79fcae2052cf42088. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c54cf263433ac1db97b86f2366fd12be2544a5094e2acff79fcae2052cf42088, en de alinea staat in dat document op bytes 22141 tot 23031.