Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT2175.

4.9. In cassatie zou kunnen worden betoogd dat het Hof het verweer gezien de bewezenverklaring - waartegen de middelen niet opkomen - slechts had kunnen verwerpen, zodat het hiervoor gesignaleerde motiveringsgebrek niet tot cassatie behoeft te leiden. In dit geval spreekt dat betoog mij niet aan. Dit omdat, als het verweer zich eigenlijk tegen de tenlastelegging richtte, het onderhavige middel zich eigenlijk tegen de bewezenverklaring richt. Daarbij laat ik zwaar wegen dat het verweer in de gebezigde bewijsmiddelen niet direct zijn weerlegging vindt. Het Hof heeft twee verklaringen van de verdachte tot het bewijs heeft gebezigd die beide inhouden dat [slachtoffer] bovenop [betrokkene 1] zat en dat de verdachte heeft geprobeerd om [slachtoffer] met zijn voet van [betrokkene 1] af te rollen. Als de voetbeweging van de verdachte het karakter had van een "afrollertje" (en niet van een ordinaire schop), is de vraag op grond waarvan het Hof heeft geoordeeld dat verdachte deelnam aan het gevecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c54cf263433ac1db97b86f2366fd12be2544a5094e2acff79fcae2052cf42088. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c54cf263433ac1db97b86f2366fd12be2544a5094e2acff79fcae2052cf42088, en de alinea staat in dat document op bytes 24059 tot 25076.