Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2011

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 6 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT2528.

3.3. De rechter-commissaris is op grond van art. 126l, zevende lid Sv jo 126m, achtste lid Sv verplicht een door hem gegeven mondelinge machtiging tot het opnemen van communicatie met een technisch hulpmiddel binnen drie dagen op schrift te stellen. De eerste klacht van het middel richt zich tegen het oordeel van het hof dat de overschrijding van deze termijn van drie dagen i.c. niet dermate ernstig is dat zij tot uitsluiting moet leiden van het bewijsmateriaal dat op grond van deze machtiging is verkregen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2950a679559baf714f74685a5724e5be2dab678967073167767967057b6473a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2950a679559baf714f74685a5724e5be2dab678967073167767967057b6473a, en de alinea staat in dat document op bytes 11177 tot 11703.