Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 november 2011

Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 22 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT6402.

9. Het Hof heeft kennelijk en niet onbegrijpelijk geoordeeld dat de door de verdachte gegeven toestemming om de woning te betreden inhield dat de verbalisanten toestemming hadden om alle vertrekken in die woning te betreden. Daarnaast kan 's Hofs verwijzing naar art. 2 van de Politiewet het oordeel van het Hof dat de verbalisanten zich naar de badkamer mochten begeven zelfstandig dragen. Uit het door de aangeefster aan [betrokkene 1], door de verbalisanten vòòr het betreden van de woning gelezen sms-bericht kan immers worden afgeleid dat sprake was van een toestand waarin hulpverlening geboden was. Tenslotte valt niet in te zien waarom het verzoek van verbalisanten aan aangeefster om te tonen met welk mes de verdachte haar zou hebben bedreigd verzuim van vormen oplevert, hierin bestaande dat de verdachte geen toestemming heeft gegeven voor andere handelingen dan het betreden van de woning.(4)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eeec2a5669197bea98d7d2b3f90acc853897b2ba53ffa7f9705fb8aa4826a358. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eeec2a5669197bea98d7d2b3f90acc853897b2ba53ffa7f9705fb8aa4826a358, en de alinea staat in dat document op bytes 11639 tot 12560.