Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 november 2011

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 11 november 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 november 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT7201.

5. Ik zou de zojuist geopperde, en min of meer letterlijke toepassing van de leer uit NJ 2010, 129, willen ontraden. Als een dagvaarding wordt betekend tegen een rechtsdag waarop geen zitting plaatsvindt is er weliswaar geen sprake van een tot nietigheid leidend verzuim, maar vertoont de dagvaarding wel degelijk een gebrek dat belet dat die dagvaarding tot aanhangig worden van de zaak kan leiden, en dat dus hersteld moet worden. Waarom dat herstel slechts zou worden toegestaan in de 14 dagen ná de aanvankelijk aangezegde rechtsdag en niet daarvóór, valt in deze context moeilijk in te zien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0fa5671d42b2e3a4ee737866bd756a4e4bbe3a2901ac7b93950d781cf0f33d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0fa5671d42b2e3a4ee737866bd756a4e4bbe3a2901ac7b93950d781cf0f33d7, en de alinea staat in dat document op bytes 8575 tot 9188.